dinsdag 16 februari 2010

donsjas

Al een week zag ik hem staan; de super donsjas! In een advertentie op internet werd hij tweedehands, maar van topkwaliteit, aangeboden. Slechts één keer gedragen, dus werkelijk als nieuw. Hij werd als heel warm aangeprezen en aangezien ik pas ontzettend veel tijd had staan blauwbekken op diverse stations, omdat ik aldoor maar moest overstappen en geen enkele trein lekker op de andere aansloot, dacht ik; ''Zo kan het niet langer! Deze winter overleef ik absoluut niet, zonder dat ik die jas heb.''

Dat was duidelijk.

De verkoopster van het prachtstuk, de voormalige eigenaresse, vond dat ik het moest ophalen, per post sturen was haar te omslachtig. Dit betekende drie kwartier rijden, maar was dat erg? Nee, voor zo'n jas ging je door het vuur en zeker als daarna alles anders, warmer en beter zou worden.

Ik op weg. In een verre buitenwijk, aan de rand van een Brabants stadje vond ik ergens in de sneeuw het bewuste adres.

Tineke deed open, hartelijk alsof we al jaren vrienden waren. Dit vanwege ons korte mailcontact, vermoed ik. Die haar vermoedelijk bijzonder goed bevallen was. Had ik er misschien een vleugje humor doorheen geschreven?

'Kom maar binnen, hij ligt al klaar,' riep ze doortastend en leidde mij een donkere garage in. Ferm drukte zij me de droomjas in de handen. Er schoot even een snelle twijfel door mij heen. 'Leek het niet een beetje goedkoop van snit?' maar juist op tijd drukte ik dit storende gevoel weg. Niet voor niets had ik zo'n eind gereden en wilde resultaat. Ik kwam om te kopen en mijn droom waar te maken, geholpen door Tineke's sublieme verkoopenergie.

'Heel praktisch ook,' besliste Tineke en 'stond zo goed'. In de zijspiegel van een glimmende motor, die in de garage stond mocht ik mijzelf aanschouwen. Een beetje wringen om een passend totaalbeeld te krijgen in het 4 bij 5 spiegeltje, maar iets anders had ze niet.

Was het erg? Nee zeg! Je ziet zo toch wel hoe goed het staat. Ze praatte onophoudelijk.

Haar huis mocht ik duidelijk niet in, waar zeker genoeg spiegels zouden staan, want Tineke zelf zag er ultraverzorgd uit, met pasgeknipt diagonaal kapsel en vele lagen opmaak.

'Is alles dons of een percentage?' Vroeg ik nog zachtjes. Bijna durfde ik deze kritische vraag niet te stellen, alsof ik haar niet vertrouwde. Bah.

Ze keek me inderdaad misprijzend aan en antwoordde; 'Natuurlijk dons!'

Het dons diende ik met tennisballen te wassen gaf ze nog als tip mee. Ik was overtuigd, Tineke was een wereldvrouw. Gaf haar het geld en gehuld in de droomjas, waarop haar parfum (bepaald niet mijn smaak, zoet en weeïg) reed ik naar huis.

Pas onderweg gaf ik mijn twijfel een kans.

Ik stopte, betaste het materiaal in helder daglicht en vond dat het dons verrassend vlak aanvoelde, als polyester vulling. Het kon toch niet waar zijn?

Thuis aangekomen voelde ik mij wat droevig, propte mijn stinkende droomjas meteen in de wastrommel, goot er flink wat wasmiddel bij zodat haar smerige parfum zou wegspoelen en vouwde mijn handen in onschuld. Die tennisballen leken me niet nodig.

De jas bleek inderdaad van honderd procent kunststof, wat het voordeel heeft dat je het makkelijk kan wassen. Tineke had me voorgelogen. Dromen zijn bedrog en ik een naïef ei.

dag van een Mies

vrijdag 12 februari 2010

Rita-dag

Opgewonden sfeer, enthousiaste dames, het tij zou nu echt keren. Dames aan de macht, in het zakenleven en de politiek.
Zoiets is vaker beweerd, veelal zonder resultaat. Deze keer ging het zeker lukken. Ja, een vrouwelijke burgemeester had onze stad nodig. Het was toch te gek dat deze niet al jaren geleden was gekozen! Voor de gemeenteraad stemden we ook alleen op vrouwen, ook al stonden ze onderaan de kieslijst. Ik vond het best.

Ik was net gearriveerd op een bijeenkomst voor alleen dames en keek rond in de grote zaal. Veel stijlvol geklede vrouwen op leeftijd, waar het geld van afdroop.
Waarschijnlijk afkomstig uit de omringende dorpen, want de bevoking uit onze stad is meestal sjofel gekleed, passend bij een armetierige arbeiderstad. Deze ontwikkelde mondige dames grepen de microfoon om te vertellen over wantoestanden in de zorg en andere politiek-menselijke kwesties. Hartverscheurende verhalen waren te horen, over 1 personeelslid op 20 hulpbehoevende oudjes. Alle toehoorders vonden het vreselijk en zuchten in koor.

'Zulke verhalen van het volk zijn belangrijk en moet de politiek wakker schudden' of woorden van dergelijke strekking klonken helder uit een forse vrouw, die opeens achter de microfoon stond. Het was onhoudbaar in de zorg en zij als vrouw van de praktijk ging het veranderen, nee, verbeteren! Ze verhief haar stem, bepaald niet nodig, want die was al sterk genoeg.
Keek met reebruine ogen naar haar publiek en ik wist het opeens. Ach, een bekend fenomeen! Zag ik ook eens een politieke dame van formaat. Wat leuk, het was Rita Verdonk, die ons kwam bijstaan in het brabantse land.

De rest van mijn leven kon ik tegen jan en alleman zeggen dat ik onze Rita in levende lijve had gezien. Tevreden ging ik een kwartier later weer naar huis. Ik had nu een mooi resultaat geboekt. De bijeenkomst speciaal opgericht voor vrouwen moest het maar even zonder mij stellen.
Ik had deze bevlogen meetings al vaker bezocht. Het idee erachter was dat alle dames samen zouden netwerken, opdrachten vergaren en daardoor vele gedroomde carrieres daadwerkelijk konden starten. Vol blijdschap had ik mijn netwerkvraag bij diverse personen gedeponeerd, tot dusver zonder resultaat. Het bleef een mooie droom.

Ik kwam er wel veel hulpbehoevende dames tegen, die ook verder wilden komen in hun leven. 'Thuismanagers' die hun gezin succesvol runden, maar naar het zakenleven verlangden en andere vragende vrouwen. Dat gaf veel erkenning en diepgaand onderling begrip, iets waar vrouwen zo goed in zijn. Verder schoot het niet op. Dat kwam allemaal omdat de samenleving nog veel te machismo was en vrouwen maar tegen die glazen plafonds beukten, met hun machteloze koppen. Maar nu ging het veranderen; Wij stonden op het punt de macht te grijpen en Rita ging ons helpen. Ik had haar gezien.

dag van een Mies

vrijdag 5 februari 2010

dag met schorseneren

Schorseneren zijn vreemde dingen. Ik had ze vandaag gekocht en maakte ze schoon.
Een intensief, langdurig proces dat ongeveer een halve dag duurt.
Plakkerige, zwarte, taaie vellen moeten eraf geschrobd, om een lange, dunne, zoetachtige
wortel over te houden. De asperge voor arme mensen, noemen ze het.
Nou, het kostte 3 euro per kilo, dus een armlastig individu zal dit echt niet kopen.

Je kookt de ontvelde wortel. Eet hooguit 4 stuks, anders ontplof je.
Ik nam iets te veel, dus mijn darmen zijn momenteel overactief.
Ik ga er eens een aansteker bijhouden om te zien wat er gebeurt.
Er brak ooit brand in een stal uit, omdat een boer naast een gasvormige koe stond te roken. Mocht dit het laatste stukje tekst zijn, dan ben ik misschien in vuur opgegaan.

Schorseneren zijn nauwelijks meer te koop. Alleen bij de natuurwinkel en bij de biologische tuin, hier vlakbij. Niemand heeft tijd voor die dingen, alleen een werkloze kan dit bijzondere produkt verwerken. Ook de topinamboer, oftewel de aardpeer kent geen mens meer. Deze kun je zo in de pan bakken, dus qua tijd lukt het de drukke medemens, vol van verplichtingen wel om dit te bereiden. Alleen is deze grillig gevormde aardpeer toevallig ook nog familie van de schorseneer en heeft dezelfde knallende eigenschappen.

Ooit ga ik eens iemand te eten vragen en dit persoon beide groenten tegelijk voorzetten. Een wetenschappelijk experiment. Ik zeg niks. Ik ga het persoon daarna enkele uren observeren en kijken wat er gebeurt. Het lijkt me buitengewoon spannend en ook wil ik graag zien hoe dit mens zich gedraagt. Gaat het extra vaak nonchalant heen en weer lopen om de geur te verhullen? Moet het opeens ontzettend vaak roken en wil het dit plotseling buiten doen? Denkt het persoon dat het lijdt aan een spastische darm en wil het naar de eerste hulp? Dit is trouwens lekker vlak bij de deur, dus daar kunnen we dan samen heen, tegen die tijd.

Warempel, de eerste carnavalsgeluiden. Nu al!
Ergens in mijn buurt hoor ik hoempageluiden, en een mannenstem die praat, misschien prins carnaval wel.
Het is me niet gelukt blijvend carnaval te vieren. Ik ben niet vlot genoeg, niet lollig van aard, te serieus, te veel 'boven de rivieren' of protestant bloed. Jammer wel. Want als je mee doet kan je veel pret hebben. Dolle pret die ik nu allemaal mis. Nu zingen ze samen hard. En lachen ook nog eens, via microfoons, zodat de rest van de buurt niets hoeft te missen.
De etterballen.

Dag van een Mies

woensdag 3 februari 2010

'zon'dag

Voor de verandering een zondag, een dag met volop zon zogezegd en dat is
even wennen. Je kan nu niet binnen zitten met een gerust hart. Eruit, eruit!
N. belde, hij ligt in het ziekenhuis, omgevallen met zijn fiets en enkel gebroken. Op het laatste restje ijs is hij onderuitgegaan, net voordat alles weggesmolten was.
N. woont alleen, dus heeft hij hulp nodig bij van alles.

Zijn val zal een gegronde reden hebben. N. is van de 7-de dag adventisten en heeft een sterk geloof in het hogere wezen. Niets gebeurt zonder reden, ook al snapt niemand er iets van, het is belangrijk dat God weet wat hij doet en hij doet het voor jou!
Een sterk geloof lijkt me fijn, N. klonk dan ook opgewekt door de telefoon, terwijl hij mij belde en vroeg of ik rooibosthee wilde brengen en zijn katten eten geven.
Dat wilde ik best.
N. was daarna alleen uren onbereikbaar, omdat ze hem gingen boren en repareren.

N. is geopereerd en de katten hebben brokjes gehad. Ik kreeg de sleutel van zijn huis en kon
zodoende de puinhoop eens aanschouwen.
Sjonge, indrukwekkend en dat voor zo'n gelovig iemand.
Ik dacht dat die meer van orde en regelmaat hielden.
Tussen stapels kleding op zoek naar schone was. Heb je wel eens
per ongeluk een hele vuile sok van een vreemd mens besnuffeld? Niet doen. Zo'n geur blijft je opeens heel lang bij. Agghh en die kleren die hij heeft.... echt rijp voor de vuilnisbelt.
Kan God niet ook zorgen dat N. iets aan zijn persoonlijke hygiene doet? In plaats van dat hij de hele dag achter de computer zit om heilige dingen te typen en te versturen?
Zie je wel vaker bij mannen, alleen bezig met hogere doelen en een volslagen gebrek aan realiteitszin. De dagelijkse dingen zijn misschien een beetje te min.

Ik heb maar niks gezegd tegen N.
Zijn bruin uitgeslagen sweaters gebracht, een enkel schoon ondergoedje uit het jaar nul en de bijbel natuurlijk. Die wil hij ook graag.
Hij is nog wel opgewekt maar iets minder. Heeft maar een half uur geslapen vannacht, zegt hij. Oh het ziekenhius, een bron van ellende.


Ik belde met zuster Miranda. Die was behoorlijk chaggerijnig. Zou ik ook zijn als ik met zo' n naam door het leven moest. Ik kon de verse kattenbakvulling niet vinden, dus wilde ik N. raadplegen. De vulling moest ik toch echt hebben want er was net een flinke lading diarree door een kat geworpen. Hij groef het netjes onder en schudde zijn pootje flink, omdat het bleef plakken. Allemaal juist onder mijn fijne neus.
Zuster Miranda zei dat N. niet op deze afdeling lag. Vreemd, omdat ik hem daar toch al had opgezocht. Miranda werd link en vroeg wie ik dan wel niet was. Ja, wie ben ik eigenlijk? Dit leek mij niet ter zake doend, en na veel zacht gepraat kon ik een naderend conflict voorkomen. Tussen Miranda en mijzelf.
Geen pretje het ziekenhuis, je hebt er veel tact voor nodig.

dinsdag 2 februari 2010

regendag

Mijn voeten waren vandaag 3 keer natgeregend. Dit omdat het dus de hele dag goot, en mijn schoenen plotseling water doorlaten. Dat is nieuw, daarvoor deden ze zoiets echt niet. Mijn dure LoWa wandelschoenen zijn nog maar 1 jaar oud en laten mij nu al in de kou staan. Dat terwijl ik ze zelfs regelmatig ingevet heb, aan de buitenkant en ze van binnen de befaamde goretex laag bezitten. Een welbekende laag onder natuurwandelaars, de laag die zo duur is en waar geen spatje regen doorkomt. Mooi niet dus.
Ik moet zeggen dat ik teleurgesteld was in dit product.
Vanwege die koude voeten stond ik net onder de warme douche.

Hier dacht ik aan bananen. Ik snapte zelf ook niet waarom. Of misschien toch; ze waren op! Behalve grannys, de groene appels die erg lang moet reizen om hier te komen, volgens mij komen ze meestal uit NieuwZeeland, lag er niks meer in mijn grote rieten fruitschaal. En die grannys lagen er al weken en weken. Ze bleven er steeds maar precies hetzelfde uitzien. Daar verbaasde ik mij over. Ze hadden dikke schillen, die niet rimpelden en geen bruine vlekken vertoonden. Ik wou dat mijn huid ook op zo'n granny leek. Alleen van binnen zou ik dan wel meer smaak willen hebben, want die appels zijn echt ontzettend vies.
Ik ga ze allemaal weggooien. Misshcien lusten de vogels ze wel.

Wat de bananen betreft: Ik herinner mij een opleiding waar ik in een tijdje terug aan deelnam. Iets over export-management zou ik leren, zodat ik daarna aan export-zaken kon deelnemen. Dat leek mij een gezonde ontwikkeling, want daarvoor had ik nogal langdurig rondgezweefd in vage sferen. Dit was strak, zakelijk en duidelijk.
Tijdens de opleiding sprak men veel over penetreren. Maar dan van de markt. Daar moest ik nogal aan wennen. Deze macho-terminologie kreeg ik er moeilijk in, maar deed mijn best.

Op een gegeven ogenblik moesten we een presentatie houden, om de beurt.
Ik zou bij God niet meer weten waarover het had moeten gaan. Maar ik deed iets met bananen. Deze had ik op papiertjes getekend en liep er mee door de klas. Waarschijnlijk had ik er een gedicht bij, dit als inleiding op een serieus vervolg.
Volgens mij was het heel creatief en hopelijk diepzinnig van aard. De dame die onze groep begeleide, een strenge zakelijk vrouw in mantelpakje kon zich niet meer inhouden. Ze riep onbeheerst en wild uit; Wat doe jij in vredesnaam op deze opleiding? Wat ben je aan het doen?? Ja, duh, ik zat met die papieren bananen immers, mooi werk af te leveren. Voor de goede verstaander.

Helaas werd ik kort na deze affaire verwijderd uit de opleiding en kon mijn zakelijke carriere dus wel schudden. Men weigerde mij een stage te verschaffen in het zakelijk werkveld, omdat ik daar niet zou passen. Wel hadden ze kapitalen opgestreken om mij als cursist aan te nemen.
De mantelpakjesdame en haar vriend hadden goed aan mij verdiend. Het bleek weggegooid geld. Na de bananen zat ik werkloos thuis. Een illusie armer. Het zakenleven, niet voor mij.

De hond piept, het moet eruit. Het zal nog harder piepen als het de regent voelt. Buiten giet, stortregent het. Ik denk dat de aarde gaat overstromen en zoek mijn oude regenlaarzen maar eens op.

dag van een Mies